Dep de schenkels droog en kruid ze rondom goed met peper en zout. Bestuif ze rondom met bloem, zodat de buitenkant goed bedekt is.
Verhit de boter in een hoge en wijde pan (die ook in de oven kan) en bak hier de schenkels in totdat ze aan alle kanten mooi bruin en krokant zijn. Haal ze uit de pan en laat het bakvet in de pan zitten.
Maak de sjalotten schoon en snipper ze. Bak ze in het bewaarde bakvet totdat ze mooi zacht zijn.
Maak ondertussen de knoflook schoon en snipper deze ook. Voeg toe aan de pan en bak ook een paar minuutjes mee.
Maak ondertussen de winterpeen schoon en rasp deze. Voeg het wortelrasp toe aan de pan en bak ook even kort mee.
Blus af met de witte wijn en voeg ook het runderfond een een scheut witte port toe. Voeg dan de takjes rozemarijn, laurierblaadjes, kappertjes en de saffraan toe.
Rasp de schil van de citroen en voeg dit ook toe aan de pan. Leg de schenkels terug in de pan en doe het deksel op de pan. En stoof zo'n 3 à 4 uur mooi zacht en gaar in de oven. Draai ze af en toe om en bedruip ze met het kookvocht.
Garneer met verse peterselie en serveer met versgebakken brood en/of saffraan risotto.